Draaiorgel Het Snotneusje 1 & 2

 

Dit draaiorgel behoedde omstanders op de Dam voor kogels van Duitse soldaten.

 

https://images1.persgroep.net/rcs/bEQcPR6ieIyQ32hyD1ElDffLXZ4/diocontent/169799790/_fitwidth/763?appId=93a17a8fd81db0de025c8abd1cca1279&quality=0.8

Draaiorgel Het Snotneusje is vanwege 75 jaar bevrijding in 2020 opgeknapt.

Beeld Stadsarchief

 

Canadese gevechtswagens rolden op 7 mei 1945 onder luid gejuich de Dam op.

En toen ging het mis.

Duitse militairen schoten met scherp op de menigte vanuit De Groote Club. 

Er vielen veel doden.

Sommigen vonden dekking achter een draaiorgel: Het Snotneusje.

 

Koen Kleijn 3 mei 2020

 

Amsterdam

Op 7 mei 1945 trok Joop van Beek (toen 15) uit de Barentszstraat naar de Dam: het gerucht ging dat de Canadezen daar zouden arriveren.

Aangekomen op de Dam heerste er een feestelijke stemming.

Er speelde zelfs een draaiorgel.

Het feestgedruis sloeg, zoals ­bekend, om in een bloedbad. 

 

Duitse militairen openden vanuit het gebouw van De Groote Club het vuur op de menigte.

 

7 mei 1945

In paniek zochten de feestvierders dekking, maar het open plein bood nauwelijks bescherming.

 

Men verschool zich achter lantaarnpalen, achter de kioskjes in het Damplantsoen, achter een camerawagen die met de Canadezen de stad was binnengereden, en achter dat draaiorgel.

Joop van Beek hoorde toen hij thuiskwam dat zijn buurmeisje Rika Overdijk was omgekomen.

 

Journalist Wiel van der Randen stond aan de andere kant van het plein op het dak van de sacristie van de Nieuwe Kerk, vanwaar hij goed uitzicht hoopte te hebben op de komst van de Canadezen.

Hij deed op 8 mei 1945 verslag in de Katholieke Illustratie.

De dag begon met de reguliere aflossing van de wacht in De Groote Club: Onder doodse stilte werd op de zon­beschenen en druk bevolkte Dam de Duitse wacht in de Groote Club afgelost.

De Duitsers zongen ditmaal niet, ze hadden inderdaad een excuus, maar het rhytmische geluid van met ijzer beslagen soldatenzolen op het plaveisel, dat vijf jaren op onze zenuwen had gewerkt, irriteerde nog even erg.

Er was één troost: het zou de laatste wacht zijn.

 

Amsterdamse vriendin

Terwijl de massaal toegestroomde Amsterdammers wachtten op de bevrijders, weerklonken er opeens salvo’s.

Het was goed mis, zag ook Van der Randen.

''Een donderende vuurstoot volgde en een bundel zware-machinegeweer projectielen veegde over het plein.

In hun krankzinnige angst raakten kinderen en vrouwen onder de voet, moeders verloren hun ­kinderen, en vrouwen raakten hun mannen kwijt. (...)

In ongelofelijk korte tijd was de Dam leeg.

Een scheefgezakt pierement, welks laatste vrolijke tonen door de moordende kogels werden gesmoord, bleef eenzaam achter."

 

Ook Louise Selter (1927) herinnerde zich de schietpartij.

Het was haar achttiende verjaardag; ze liep met een collega van haar werk in de Bonneterie naar de Dam: "We sloegen vanaf het Rokin de hoek naar de Dam om, liepen een meter of zeven, en toen klonken plotseling de schoten.

Twee Duitse soldaten, met van die weerzinwekkende petten op hun hoofd, maaiden met hun machinegeweren over de Dam.

Het leek alsof ze extra getergd waren door het kleine draaiorgel dat speelde."

 

Volgens de officiële telling vielen er 22 doden en honderden gewonden.

De Stichting Memorial voor Damslachtoffers 7 mei 1945, opgericht in 2012, deed uitgebreid onderzoek en stelde vast dat er veel meer doden waren: minstens 32 Nederlanders en zo’n 20 Duitsers.

 

De operaties van de Binnenlandse Strijdkrachten (BS), die belangrijke panden rond de Dam in handen probeerden te krijgen, speelden een rol.

Mogelijk was ook het optreden van de BS tegen de Amsterdamse vriendin van een Duitse marineman reden om het vuur te openen.

 

Het 'scheefgezakte pierement' was Het Snotneusje.

Kogels hadden het draaiorgeltje geraakt en bovendien was er in de nasleep van de schietpartij een auto van de Grüne Polizei tegenaan gereden, waardoor een wiel was af­gebroken.

Omdat er na de bevrijding grote behoefte was aan vermaak, werd het snel op­gelapt door de firma Perlee en ging het de straat weer op.

 

Nieuw gecomponeerd

De historische rol die Het Snotneusje op die 7de mei speelde, was in 1992 reden voor het Amsterdam Museum om het aan te kopen.

Het '48 toets draaiorgel' was het kleinste type, vandaar de naam ‘Snotneusje'.

Karel Struys – schoonzoon van de grote orgelbouwer Gijs ­Perlee – had het in 1935 gebouwd.

Bij een eer­dere restauratie waren twee kogels verwijderd; één kogel bleef achter, omdat wegnemen het orgel te zeer zou beschadigen.

 

De kogels werden door Ewout Meulmeester, secretaris van de Schietvereniging Westerpark, geïdentificeerd als 9x19 millimeter-patronen, gangbare munitie voor pistolen en pistoolmitrailleurs.

De Luger P08 was een pistool met dit kaliber in de Eerste en de Tweede Wereldoorlog, het machinepistool een MP38 in de Tweede Wereldoorlog.

 

Draaiorgel Het Snotneusje moest een belangrijke rol krijgen in de oorlogsherdenkingen dit jaar, 75 jaar na de bevrijding.

Op 5 mei zou Het Snotneusje bij de bevrijdingsfeesten op de Dam staan en op 7 mei daar spelen in aanwezigheid van nabestaanden van mensen die om­gekomen zijn tijdens de schietpartij.

 

Op de binnenplaats van het Amsterdam Museum stond voor 10 mei nog een bevrijdingsconcert van de Amsterdamse Tramharmonie op het programma, waarbij Het Snotneusje mee zou spelen in een voor die gelegenheid gecomponeerd stuk.

Maar de coronapandemie heeft ook hier een stokje voor gestoken.

 

Kogelgaten weer zichtbaar

Met het oog op de herdenking van 75 jaar bevrijding heeft het Amsterdam Museum de laatste maanden met externe deskundigen Het Snotneusje onderzocht, gereconstrueerd en voorzien van de oorspronkelijke beschildering uit de meidagen van 1945.

 

Een ingewikkelde opdracht, want er zijn alleen zwart-witbeelden van het draaiorgel.

De kogelgaten van de schietpartij op de Dam van 7 mei 1945, die eerder weggewerkt waren, zijn na restauratie weer zichtbaar.

 

Bron:

https://www.parool.nl/amsterdam/dit-draaiorgel-behoedde-omstanders-op-de-dam-voor-kogels-van-duitse-soldaten~b992848d/?referer=https%3A%2F%2Fwww.google.nl%2F

 

Bovenstaand verhaal, is de officiele versie, maar in feite zit het waarschijnlijk anders in elkaar.

Zie hieronder:

 

Draaiorgel Het Snotneusje 2

De schietpartij op de Dam.

Op 7 mei 1945 vond er rond 15:00 uur op de Dam in Amsterdam een schietpartij plaats tussen matrozen van de Duitse Kriegsmarine, wier schip in een Amsterdams dok lag, en de BS, waarbij veel burgerslachtoffers zijn gevallen.

De zaak is echter meteen daarna in de doofpot gestopt.

De reden: het Binnenlands Strijdskrachten legertje van de Prins was in het geding.

 

Hier de feiten: Op 4 mei 1945 kreeg Bernhard in Beekbergen, namens generaal Montgomery, van de Canadese generaal Foulkes strikte orders dat zijn BS geen wapens mochten dragen.

Tevens mochten alléén de Canadezen de Duitse troepen ontwapenen.

Ondanks dat de Amsterdamse BS onder leiding van Carel Frederik Overhoff hiervan meteen op de hoogte was gesteld, heeft men zich niets van deze instructie aangetrokken en ging de BS toch gewapend de straat op.

 

Terwijl de Dam volstroomde met feestgangers om de komst van de Canadezen te vieren begonnen met stengun gewapende BS’ers Duitse soldaten te provoceren en hardhandig aan te houden en te ontwapenen.

 

Over dat provoceren heeft de destijds 12-jarige Aart Bitter, die erbij stond, later tegenover ondergetekende verklaard dat een aantal jonge BS’ers, die indruk wilde maken op de meisjes, 'voor de lol' met hun stenguns geregeld op de Duitse matrozen op het balkon van de Grote Club (hoek Kalverstraat/Paleisstraat) gericht.

Toen er later ook nog eens een Duitse soldaat werd neergeschoten, die had geweigerd zijn wapen af te geven, brak er een vuurgevecht uit tussen de Duitsers en de BS.

 

Achteraf is gebleken dat na het eerste schot door de BS in de Paleisstraat door een tweetal BS’ers – die achter een draaiorgel stonden – direct in de richting van de Duitse matrozen op het balkon van de Grote Club werd geschoten.

Dit werd ook nog eens bevestigd in een schriftelijke ooggetuigenverklaring van een Amsterdammer aan de rijksgeschiedschrijver Loe de Jong in 1968.

 

Letterlijk schreef deze getuige: "De BS’ers achter het draaiorgel schoten naar het balkon, schuin boven hun hoofden. Het duurde niet lang of de partijen waren met elkaar in gevecht".

 

Vanaf de hoek Nieuwendijk-Dam en Rokin-Dam werd nu door de BS met stenguns op de Grote Club geschoten, waarop de Duitsers een machinegeweer in stelling brachten en hiermee terugschoten.

In paniek vluchtte de menigte alle kanten op.

Door rondvliegende kogels en mensen die onder de voet werden gelopen vielen er onder de feestvierders veel slachtoffers.

 

Overigens wordt er nog steeds beweerd dat de Duitsers bewust op de feestvierders zouden hebben geschoten, maar dat is niet aannemelijk.

Zoals gezegd, schoten ze ook met een machinegeweer op de BS.

Dat was een MG34 die 800 à 900 schoten per minuut kon afgeven.

Indien ze werkelijk bewust op de burgers zouden hebben geschoten dan waren er honderden in plaats van tientallen doden te betreuren geweest.

 

Overigens heeft nooit iemand terecht gestaan omdat men van oordeel was dat het hele incident te wijten was aan een 'misverstand' tussen de BS en de Kriegsmarine.

 

Maar indien de BS zich strikt aan de instructies zou hebben gehouden door geen wapens te dragen en de overgave en ontwapening van de Duitse militairen aan de Canadezen zouden hebben overgelaten (en zeker geen Duitse soldaat neer te schieten) dan zou veel leed bespaard zijn gebleven.

 

Nadat de Canadezen op 8 mei 1945 Amsterdam waren binnengetrokken gaven de Duitsers in de Grote Club zich, zoals was afgesproken, de volgende morgen om 07:00 uur met hun wapens aan hen over.

Na te zijn afgevoerd in krijgsgevangenschap mochten ze later naar hun Heimat terugkeren.

 

De Canadezen waren echter helemaal niet te spreken over het 'misverstand' op 7 mei 1945.

 

BS-commandant Overhoff werd te verstaan gegeven dat als men zag dat zijn mannen nogmaals gewapend over straat liepen er meteen op hen geschoten zou worden.

 

In ieder geval is de oorzaak van de schietpartij spoedig daarna in de doofpot gestopt, de daders nooit gestraft en zijn de nabestaanden van de slachtoffers door de overheid schandalig behandeld.

 

En ik denk, dat deze laatste versie weleens overeen kan komen met de werkelijkheid. . . .

WvdB

 

bron: https://gerard1945.wordpress.com/2015...

 

woensdag 6 mei 2020