ImmuunSysteem

 

Afweer door beetje vies†††††††††††††††††† ††††††††††††††††††††††††††††††††††††††

 

We worden eigenlijk nooit meer vies tegenwoordig. 

Riekende, ouderwetse smerigheid is vrijwel uitgebannen: geen rottend water in de grachten, amper poep op straat of drabbige modder in de goten. Sinds we koelkasten hebben en allemaal leerden dat bacteriŽn eng zijn, eten we zacht schimmeldons alleen nog als-ie in of op Franse kaas zit. Eťn schimmelpitje in de jam en we kieperen de hele pot onverwijld in de vuilnisbak.

We wassen onze handen voor het eten en na de wc, we poetsen en boenen onszelf en het huis, onze kleren gaan na twee of drie keer gedragen te zijn zonder pardon in de wasmachine. We douchen bijna dagelijks en onze kinderen mogen geen zelfgebakken zandtaartjes meer eten. De enige gelegenheden waarbij we nog zorgeloos met modder kliederen, zijn zomerse stranden en verregende popfestivals.

Voor sommige hygiŽnische maatregelen is een boel te zeggen. De allergrootste bijdrage aan de volksgezondheid werd, zo betoogde de British Medical Journal [1] in 2007, niet geleverd door de ontdekking van penicilline (die staat op de tweede plaats) maar door de implementatie van sanitaire voorzieningen in steden.

De aanleg van het riolering- en waterleidingstelsel verrichtte wonderen:  sindsdien hebben we altijd redelijk schoon water voorhanden en wordt vervuild water afgevoerd. Urine en uitwerpselen worden elders uitgezuiverd. Dat zorgde voor een opmerkelijke daling in ziekte en een stijging in de gemiddelde levensverwachting. Dysenterie, diarree, tuberculose en ademhalingsziektes werden minder prominent en verspreidden zich minder snel.

Alle viezigheid en enge beestjes uitbannen, zoals we nu doen, is echter niet goed. Kinderen horen vies te worden en troep te eten. Daís niet alleen leuk en spannend maar Ė zo blijkt Ė ook nuttig huiswerk voor hun immuunsysteem. Dat leert al doende goed van kwaad te onderscheiden, eigen van vreemd; het afweersysteem leert zich te verdedigen en het leert wanneer de vrede is weergekeerd.

Kinderen die al te schoon opgroeien, hebben een afweersysteem zonder diploma.

Een ongeschoold immuunsysteem raakt sneller van slag: het is niks gewend. Of het verveelt zich te pletter en gaat dan iets zoeken om te doen.

Rondhangen en kwajongensgedrag vertonen. Beetje pesten, plaagstootjes uitdelen, belletje trekken; dat werk.

Er zijn goede gronden om te denken dat de schrikbarende toename van allerhande allergieŽn in de hand wordt gewerkt doordat ons immuunsysteem iets omhanden wil, en bij gebrek aan zinnige klussen wat gaat rondklooien. Het verzint een tegenstander en werpt zich daar vervolgens met groot enthousiasme bovenop. Jottum! Moddergevecht!

Het mag allemaal gerust wat viezer. Vies is gezond, en een beetje ziek zijn ook. Daar leren we van.

Om die reden vind ik de ophef over de Mexicaanse griep nogal dom. Niks maatregelen nemen, laat maar komen: je kunt beter zo snel mogelijk ziek worden. Want als-ie zich net als de Spaanse griep ontwikkelt, komt er na deze betrekkelijk onschuldige variant over een paar maanden een veel heftiger vorm. Wie Ďm tegen die tijd al heeft gehad, heeft een afweersysteem dat op de Mexicaanse griep heeft gestudeerd en dat van wanten weet. Die is dan immuun. Juist de mensen die nooit in aanraking zijn geweest met het virus, zullen later extra vatbaar zijn.

Doe je afweersysteem dus gerust op bijles en word lekker gezond door een beetje ziek.


Karin SpainkDe Praktijk, 11 september 2009

 

zaterdag 3 maart 2018